Agendapunten
Door Bernhard Hanskamp

De Nederlandse Ancona Club is inmiddels 80 jaar oud. Daarmee is dit een van de oudste rasclubs voor hoenders en dwerghoenders in Nederland. Een goed moment om eens even kort terug te kijken.

Van der Ploeg
Deze fokker uit Haarlem heeft als geen ander aan de wieg gestaan van de huidige Anconaclub in ons land. Hij nam het initiatief voor de oprichting. Hij was de spil om deze nieuwe club in de jaren dertig van de vorige eeuw in de benen te houden. En dat was best lastig. P. J. A. van Groeningen was in die periode ook heel actief met Reds en Ancona's. Maar zijn inbreng wisselde door de jaren heen erg sterk van grote en een tikje dominante betrokkenheid tot doodse windstilte. Van der Ploeg had, net als van Groeningen, toen ook contacten in Amerika. Dit grote land was in de jaren twintig het wereldcentrum voor de fok van Ancona's. Er werd door van Hoesen zelfs een speciaal boek over Ancona's geschreven. Maar ook Sheppard liet menig boekwerk drukken voor promotie van de sierlijke en legrijke Anconakip. In bijna elke staat van Amerika was een afzonderlijke Anconaclub. Er waren dus tientallen Anconaclubs in Amerika. Er werd dan ook gezorgd voor Amerikaanse import naar Nederland. Staverman was daar in 1925 ook al mee bezig geweest. Van Gink was er lyrisch over.

Eerste clubshow
De eerste clubshow was al op 18 januari 1930 in Den Haag bij Avicultura. De Nederlandse fokkers stonden te popelen om bij elkaar te komen en hun resultaat onderling te vergelijken. Duiveman, Douwsma en de gebr. Hofker van het hotel op Ameland waren ook bekende namen in die tijd. Vlak daarna dook de immer actieve Elzinga al op. Dit betekent overigens dat met de clubshow van januari 2010 in Zuidlaren bij de Noordshow er precies 80 jaar clubshow voor de Ancona op zit.

Buitenland
De huidige secretaris Hanskamp legde begin jaren tachtig reeds diverse buitenlandse contacten.

Engeland met veel dieren
Eerst werden de banden met de Engelse Anconaclub verstevigd. Vlak daarop werd door hem de Engelse clubshow in Stafford bezocht. Hier waren zo'n 150 Ancona's en Anconakrielen present. Tijdens het logeren bij Eric Hammond werden veel Ancona zaken uitgewisseld. De Engelsen hadden en houden hun eigen stijl. Scherpe en heldere tekening, die uit melkwit en gitzwart bestaat. De ingezonden Ancona's worden daar zelfs voor de show gewassen, de kleur is dan ook prachtig. Iets wat in Nederland niet gebeurd. Maar Engeland zien we vrijwel altijd vele te grove kammen en te forse kinlellen. Het type is soms ronduit slecht. Met een geknepen en veel te iele staart. Philip Smedley regelt nu al enige tientallen jaren de dagelijkse zaken voor de Engelse Anconaclub.

Amerika als bakermat voor de huidige fokrichting
Dit contact met Amerika ging vrijwel altijd over foto's en artikelen van vroeger. Mij is in die tientallen jaren speurwerk nooit gebleken dat er nu nog goede Ancona's in Amerika zijn. De Amerikaanse historie is voor ons erg belangrijk vanwege de na te streven fokrichting.

Italië als land van herkomst
Met dit land zijn ook al tientallen jaren intensieve contacten. Menige Italiaan is in al die tijd reeds naar Drenthe afgereisd om weer goede dieren te halen. De kwaliteit en vooruitgang blijft in Italië echter wat pover. De streek oostelijk van de Leghorns is vooral belangrijk vanwege de oorsprong van de Ancona.

In Nieuw Zeeland en Australië is het ras populair
In deze landen zien we regelmatig tientallen Ancona's op de diverse grotere show. In ons voorjaar, als het daar aan de andere kant van de wereld echter herfst is, zijn aantallen van 100 tot 150 op een grote openingsshow in Sydney niet ongewoon. De prachtige Engelse tekening wordt hier ook wel gecombineerd met een goed type.

Overige landen
Vanuit Nederland heeft de Anconaclub door de jaren heen vele contacten gehad. Met Brazilië, Mexico, Denemarken, Zweden, Letland, Rusland, Oekraïne, Tsjechië, Zwitserland, Oostenrijk, Duitsland, België en Zuid Afrika. Het is duidelijk dat zo'n 80 tot 90 jaar geleden de Ancona vanuit Amerika naar tientallen landen over de gehele wereld werd geëxporteerd. Het zakelijke ging voor en werd gecombineerd met het schone. Per vliegtuig vloog de Ancona uit over de hele aardbol. Over de gehele wereld kom ik de vroegere sporen van dit toen productieve legras telkens nog tegen.
In Amerika werden door mij contacten gelegd met de bekende mensen als Harold Halbach, Charley Traweek en Loyl Stromberg. Via Hans L. Schippers uit Amstelveen kwam ook hele originele wetenswaardigheden voor de club uit de USA op tafel. Hans hielp de Nederlandse Ancona Club aan erg waardevol materiaal uit de eerste helft van de vorige eeuw. zoals de allergrootste bloeiperiode rond 1920-1922.

Eendagskuikens en eendagsvliegen
Het is voor een kleine rasclub als de Anconaclub wel een kwestie van heel veel doorzettingsvermogen. Je moet rustig je eigen lijn volgen, anders komt er uiteindelijk niets van terecht. Belangstellenden en nieuwe leden komen en gaan. Hoewel de club in totaal maar 15 actieve fokkers kent, die met een hun dieren naar een show gaan, heeft de secretaris in "zijn periode" al wel een paar honderd eendagsvliegen voorbij zien komen, die 1 of 2 jaar lid waren. Soms bekruip je de gedachte dat, als men de nieuwe Ancona's zelf in de hokken heeft, de speciaalclub niet meer van belang is. Als men zelf bij de Ancona's de eendagskuikens eindelijk in bezit heeft, blijkt de Anconaclub voor hun meer een eendagsvlieg. Met het nalopen, er bij houden en schrappen van "leden" is het secretariaat dus zeker zo druk als met het inwerken van de nieuwe liefhebbers.

Klein maar fijn?
De Ancona is als ras beslist niet meer in de mode. Dat was vroeger wel heel anders. Dit is voor de verwante rassen als witte Leghorn, de Valdarno, Andalusier en Minorca echter ook het geval. Voor onze hobby is de Middellandse Zee nu eenmaal even niet in beeld. De oorspronkelijk goede productie eigenschappen van deze rassen zijn sinds het einde van de jaren vijftig bedrijfsmatig niet meer van belang. Het aantal actieve fokkers is nu heel klein. Voor de Anconakriel zijn dat er landelijk maar een stuk of zes georganiseerd, die ook met hun dieren showen. Bij de Ancona als hoen haalt dat nauwelijks de tien fokkers.

Praktijk en onderling contact
De praktische kennis met de Ancona in de hand, kan niet genoeg worden benadrukt. De clubdag en de clubshow zijn hiervoor. De laatste jaren is dat de laatste zaterdag van augustus met de clubdag in Zwolle en het eerste weekend van het jaar met de clubshow tijdens de Noordshow in Zuidlaren. Het enige wat de liefhebber wel zelf moet doen is er naar toe gaan en goed op te letten. Samen reizen is gezellig en drukt de kosten. Het onderlinge contact tussen de leden is daarbij wezenlijk. Bij elkaar in de hokken kijken om de foktomen en jonge dieren goed bespreken. De foto's bij dit artikel helpen al een eind op weg.

De grote broer
De laatste jaren is de samenwerking van de kleine Anconaclub met de grote broer de Leghornclub goed van de grond gekomen. Voor de Anconaclub is dit gewoon een praktische noodzaak. Anders en alleen lukt het gewoon niet meer. Dan bestaat het reële risico dat na 80 jaar het doek van voor de Anconaclub valt. Dat mag echter niet gebeuren. Dus noteer nu.... de laatste zaterdag van augustus naar Zwolle en begin van het jaar altijd naar de Noordshow in Zuidlaren. Dan zijn er Ancona's in de praktijk te zien. Wie weet dat een de lezer op dat moment alsnog wordt geraakt door de schoonheid van de Ancona. En daar komt nog bij....een echte Ancona is een echte legger.